Kleine zaken

Elke soldaat draagt, verplicht of uit eigen wil, wat kleine zaken met zich mee. Hierbij een greep uit wat je mee zou moeten/kunnen voeren aan ‘accesoires’.

Erkennungsmarke (Herkenningsplaatje)
Eigenlijk verplicht. Een klein plaatje, ovaal, aan een touwtje met daarop je regimentsnummer en je stamboeknummer. Weinig handig bij de identificatie, vandaar dat vanaf voorjaar 1915 een nieuwe plaat werd uitgereikt. Dit eivormige plaatje met een breukrand overdwars vermelde de naam, adres, regiment- en kompaniesnummer, stamboeknummer en geboortedatum van de drager. Later, in 1916, werd de breukrand vervangen door insnijdingen.
Het vroege en het laatste model is in repro goed verkrijgbaar. Te dragen aan een katoenen koord, bij voorkeur in de kleuren van het Koninkrijk Württemberg (rood-zwart).

 

Brustbeutel
Een leren etuitje, aan een touwtje om de nek. Hierin zat vaak het herkenningsplaatje, maar ook (bij de wat grotere exemplaren), de soldbuch. En wat kleingeld, op verkoopsites in Duitsland goed verkrijgbaar.

     
vooroorlogs model                     model 1915                     later model v.a. 1915

Taschenmesser (zakmes)
Vrijwel elke soldaat nam een mes van huis mee. Vaak zorgden de eenheden zelf dat hun soldaten een zakmes kregen. Heel populair was het MERCATOR zakmes, onveranderd nog steeds te koop in Duitsland. Opletten: geen roestvrijstalen messen kopen!

Soldbuch
Het militair paspoort, waarin tevens aantekeningen werden gemaakt van meegemaakte slagen, verkregen onderscheidingen, gewond-zijn en opnames in hospitalen. Daarnaast zaten hierin de coupons waarop (voorschotten op) de wedde kon worden geïnd.
Ook vaak in repro te koop is de Militärpass. Dit echter is een document dat de soldaat kreeg als hij de dienst verliet. Voor RIR119 dus niet van toepassing.
De groep RIR119 voorziet haar deelnemers van dit Soldbuch.

   

Rokerij, aanstekers, lucifers etc.
Van de honderd soldaten in ’14-’18 rookten er 120. Pijp en sigaar waren heel populair bij de Duitse soldaat. Als je er aan kunt komen (en je rookt), zorg dan dat je een lange pijp koopt.
Tabak werd vaak meegevoerd in leren buidels. Nog steeds goed verkrijgbaar. Daarnaast verstrekte het leger tabak, niet het beste soort maar goed rookbaar. Replica’s van dit soort tabakspakjes zijn in de groep voor handen.
Ook een doosje lucifers kan met weinig moeite ‘omgebouwd’ worden naar een exemplaar uit de tijd. Op het internet zijn voldoende voorbeelden van etiketjes te vinden.
Aanstekers in die tijd waren vaak van het type ‘lontaansteker’. Replica’s maar ook originelen zijn goed te vinden.

Eten en drinken.
Direct achter het front waren mobiele veldkeukens te vinden die ervoor zorgden dat de soldaat zijn natje en droogje in de stelling kreeg opgevoerd. Dit gebeurde in gamellen, waarna de soldaat zijn hap kon ophalen in z’n Essgeschirr. Broden werden gebakken in mobiele veldkeukens.
Daarnaast beschikte de soldaat over een rantsoen. Meestal goulash in blik (ronde blikken ter grootte van een bierviltje, ongeveer 6-8 cm hoog), groenten in blik, een blikje koffie, een zakje zout, een zak met beschuit/kaakjes (in Duits een ‘Zwiebackbeutel’ genoemd en bestemd voor kaakjes of ‘Hartkecks’). Al deze zaken waren terug te vinden in de Tornister. Ook kreeg hij post van huis waarin ook wel eens eetbare zaken zaten: kaas, worst, snoepgoed e.d.

Toiletartikelen.
Zeep en handdoek, tandenborstel, tandpoeder en scheergerei. Dát is het ongeveer. Originele zeep is goed verkrijgbaar (er bestaat een verzamelaarmarkt voor en een blok ‘Reine Kernseife’ is niet duur en gelijkend aan de toenmalige blokken zeep). Handdoeken waren klein in verhouding met nu en gemaakt van katoen, ze waren vuilwittig van kleur (en niet van badstof!).
Verdiep je in de scheerwereld! Krabbertjes bestonden toen wel maar het klapmes was meer algemeen! Scheerkwast erbij! En zeep natuurlijk! Scheerzeep in staven is nog steeds te koop bij de drogisterij. Eén en ander is niet verplicht, maar het draagt wel bij tot je presentatie!